Verslaving – College

Julia de BruinKennis, Verslaving

“Als je een allergie voor kiwi’s hebt, ga je ook niet iedere dag een plakje kiwi eten.” 

Psychiater en directeur van Rodersana Bram Bakker ging in gesprek met ambulant begeleider en ervaringsdeskundige Marcel van Bockel over verslavingszorg. Als psychiater en directeur van een verslavingszorginstelling heeft Bram veel ervaring met verslaafden. Ook Marcel heeft hier veel ervaring mee, maar vanuit een ander oogpunt. Marcel raakte namelijk zelf verslaafd en besloot om anderen te helpen hun verslaving, net als hij, te overwinnen.

Het verhaal van Marcel
“Ik ben jong verslaafd geraakt en heb tot mijn 30e een drugs- en medicijnverslaving gehad. Ik begon met het roken van wiet op mijn 14e en ben daarna cocaïne gaan snuiven. Toen heb ik ook nog een aantal jaar heroïne gerookt. Daarnaast gebruikte ik ook medicijnen, want met cocaïne en heroïne ga je up en down. Als je die middelen dan niet tot je beschikking hebt, is er methadon om je een beetje op peil te houden. Alcohol dronk ik ook wel, maar dat is nooit mijn hoofdmiddel geweest. Op mijn 30e besloot ik om voor herstel te kiezen”, vertelt Marcel.

“Zoals Marcel ook al vertelt, is er vaak sprake van cross addiction. Een verslaving is vaak niet een ding, maar veel verschillende dingen bij elkaar. Iemand is ook nooit alleen maar verslaafd. Het is niet een probleem dat simpel te tackelen is. Vaak hebben mensen achterliggende problematiek, zoals in het omgaan met hun emoties. Verslaving is vaak niet veel meer of minder dan een ongelukkige manier van omgaan met emoties”, vertelt Bram.

Ook voor Marcel ligt het startpunt van zijn verslaving in zijn emotionele opvoeding. “Ik ben opgegroeid in een disfunctioneel gezin. Ik groeide op met een verslaafde moeder, een vader die agressief was en ik werd psychisch, emotioneel en lichamelijk mishandeld. Ik heb mij daardoor niet emotioneel kunnen ontwikkelen. Terwijl ik opgroeide, was ik mijn moeders maatschappelijk werker, dokter, boodschappenman en maar voor een klein stukje haar zoon. Daardoor heb ik veel stappen in mijn emotionele ontwikkeling overgeslagen”, geeft Marcel toe.

“Toch raakt niet iedereen met een lastige jeugd verslaafd”, geeft Bram aan. “Het omgekeerde geldt wel: je komt in de verslavingszorg heel veel mensen tegen waarbij problematiek in de jeugd een rol heeft gespeeld. Denk hierbij aan seksueel misbruik, fysiek misbruik en emotionele verwaarlozing. Emotionele verwaarlozing wordt trouwens vaak onderschat, terwijl dit een van de ernstigste risicofactoren voor het ontwikkelen van een verslaving is”

Het probleem ligt bij de overmatigheid
“Een groot probleem bij verslavingen is de onmatigheid in gedrag. Natuurlijk zijn drank en drugs verslavend, maar het is de onmatigheid die het gevaar vormt. Neem bijvoorbeeld drinken, dat is iets wat Nederlanders graag doen: 1,6 miljoen Nederlanders drinkt te veel alcohol. Het drinken van alcohol op zich is niet een probleem, het zit ‘m erin dat mensen dit overmatig doen. Als er geen ruimte is voor het doseerprobleem dat er onder zit, dan heeft behandeling ook niet zo veel zin. Als je niet kan doseren, moet je helemaal stoppen. Dit principe wordt ook wel totale abstinentie genoemd. Als je een allergie voor kiwi’s hebt, ga je ook niet iedere dag een plakje kiwi eten. Het wordt pas echt lastig als mensen mateloos zijn en dit uiten door middel van overeten. Met een eetverslaving kan je veel minder goed werken, omdat het onderliggende mechanisme (het niet kunnen dealen met emoties), niet wordt opgelost, omdat je niet tegen iemand kan zeggen dat ‘ie nooit meer mag eten”, legt Bram uit.

Hoe pak je een verslaving aan?
Marcel vertelt hoe hij zijn verslaving heeft aangepakt: “De obsessie, de ziekte van meer, die is niet weg als je van drugs overstapt op eten. Ik heb uiteindelijk die obsessies weggewerkt, door de 12 stappen van Narcotics Anonymous te volgen. Door die 12 stappen te volgen, richt je je heel erg naar binnen: hoe komt het nou dat ik gebruikte? Wat voor mij echt heeft gewerkt is dat je het heel klein leert houden: je hoeft maar 24 uur per dag iets te doen. Je hoeft alleen voor die ene dag die voor je ligt te besluiten dat je clean wilt blijven”

“Als je voor het eerst bij NA komt, krijg je boekje waar de andere aanwezigen hun nummer in schrijven zodat je altijd  iemand kan bellen wanneer je eigenlijk wilt gebruiken. Het is de bedoeling dat je in de meetings je herstel met elkaar deelt. Ook heb je een sponsor. Dat is iemand die al langer clean is, meestal minstens een jaar. Die persoon helpt jou door de 12 stappen heen. Die kan je altijd bellen, is als het ware een coach die je kan raadplegen”, vervolgt hij.

Ook Bram ziet het nut in het volgen van een programma: “Wat zo goed werkt aan het volgen van een programma, is het erkennen dat je het op eigen kracht niet de baas kan worden. Door je verslaving in het programma met anderen te delen, vind je een hoop herkenbaarheid. Het veilig kunnen delen van het gevoel dat aanzet tot gebruik leidt ertoe dat mensen minder de behoefte hebben om te gebruiken. Een verslaving overwinnen vereist nederigheid. Je moet erkennen dat er iets met jou aan de hand is. Dat is in mijn optiek het enige wat werkt”

Marcel weet uit ervaring waar Bram het over heeft: “In een verslaving word je heel egocentrisch. Ik wist niet eens wat nederigheid betekende toen ik verslaafd was. Ik had overal maling aan. Maar als je voor het eerst bij een meeting bent, zie je dat je nodig bent om samen de meeting te maken. Alles wordt door de deelnemers zelf georganiseerd, dus je bent een schakel in de keten. Door je hiervoor in te zetten, leer je nederig te zijn”

“Een verslaving is een ziekte die wordt gekenmerkt door egocentriciteit. Mensen die verslaafd zijn bestelen bijvoorbeeld hun eigen partner en kinderen. In de meetings ontmoet je anderen die dat soort fratsen ook hebben uitgehaald. Als je bij elkaar bent, erkent dat je verslaafd bent en dat iets jou de baas is en andere mensen herkennen dat, dan voelt dat als een veilige haven” zegt Bram.

Dat gevoel herkent Marcel: “De meetings voelden in het begin voor mij als een warm bad. In zo’n meeting word je eindelijk wel echt gehoord. Je hebt veel raakvlakken met anderen. Eindelijk zit je met mensen die weten waar het over gaat, wat je hebt meegemaakt, en ze zijn ook nog eens clean. Dat biedt hoop voor je eigen toekomst”